(voor Nederlands even naaar beneden scrollen)

German racer Alexander Schlüchter, at the wheel of a Lotus Elan 26R, has won the Dutch Championship for historic touring cars & GT’s. A couple of solid seconds in class at the Saisonfinale on the Nürburgring Grand Prix track were enough to secure the title. His main opponents Dirk Waaijenberg (Ford Falcon Sprint) and the pairing of René de Vries/Jonathan Lewis (Mini Cooper S) lacked the necessary dose of luck. De Vries retired form the first race with a holed radiator. Waaijenberg could not keep up with former champions Norbert Gross and Stephen Perry, both also Ford Falcon mounted. Gross and Perry dominated the first race which was held on a slippery track. Best drive of the race was by Sander van Gils in his Dunlop-shod Lotus Elan, who took the fight to the mighty Ford GT40 of Georg Nolte. In the end he just missed out on the last podium spot.
Van Gils made amends in sunday’s race, on a dry track. The powerful Fords pulled away at first, but as their Avons deteriorated, van Gils managed to overtake them one by one. The Lotus Elan driver took a popular win against the armada of V8’s that characterizes this year’s NK HTGT. De Vries and Lewis were lucky this time: their Cooper S broke down again, but Lewis had eked out enough of an advantage to take the class win. Still, zero points on saturday saw Rob Rappange (Mini Cooper S) pass them in the final results.

Bewogen Finale in de Eifel
Net als in 2014 zou de beslissing in het NK HTGT vallen tijdens de RGB Saisonfinale op de Nürburgring. Vorig jaar gooide de mist roet in het eten en kon slechts één van de twee races verreden worden. Dit jaar was het even spannend, maar konden uiteindelijk alle sessies doorgaan. In de puntentelling waren er uitgaande van twee races nog een flink aantal kanshebbers, maar dan moest er wel aan één voorwaarde worden voldaan: lijstaanvoerder Alexander Schlüchter zou tenminste één keer moeten uitvallen en nul punten scoren. In dat geval hadden Dirk Waaijenberg en Norbert Gross in hun CT10-Ford Falcons nog kansen, evenals het duo René de Vries/Jonathan Lewis en Rob Rappange uit de CT07 Mini-gelederen.
Met ruim 40 inschrijvingen was de startlijst weer goed gevuld. De vrije training gaf een eerste beeld van de krachtverhoudingen. De familie van Gils was weer van de partij, met Sander aan het stuur van de Lotus Elan 26R. Voor de concurrenten in GTS10 is het maar goed dat hij zich slechts enkele weekenden per jaar kan vrijmaken, want hij was niet bij te benen. In de kleine GT-klasse was er ook zo’n snelle jonge hond, Peter Stöhrmann in een Lotus Elite. Daar gaf ook de Austin Healey Kikkeroog van het duo Ardelt/Auer weer acte de présence. De Volvo bleef op stal dit weekend en dat was jammer voor Thomas, want hij pas niet in de Sprite en dus reed Alexandra solo. Leo Landman was weer terug met zijn Lotus Cortina, maar de auto wilde niet lekker lopen en Leo plakte er op zaterdag een briefje “Te Koop” op. Een nieuw gezicht was Frank Depta, in de bekende als altijd doorleefd ogende Derichs-Mustang en ook Thomas Buchbinder had weer ingeschreven in zijn Marcos, maar net als vorig jaar deed hij dat alleen om wat extra te kunnen testen en nam hij geen deel aan de races: best jammer…..
Kwalificatie: volle bak ertegenaan
Naarmate de vrijdag vorderde, nam de bewolking toe en dreigde er een déja-vu: de kwalificatie stond gepland om 16:05. Het zicht werd dramatisch minder en uiteindelijk zou de laatste kwalificatie van de dag afgeblazen worden, maar de NK-deelnemers mochten gelukkig nog gewoon vertrekken. Door de mist werd de baan wel steeds gladder. In een kwalificatie zijn er uiteenlopende strategieën om daarmee om te gaan. De meeste coureurs kozen ervoor om eerst eens rustig te kijken hoeveel grip er nu eigenlijk was en daarna pas voor een tijd te gaan. Maar als het steeds natter en dus gladder wordt, is de baan in het begin juist het snelst en is er ook veel te zeggen voor de tegenovergestelde strategie: proberen direct een snelle tijd te zetten. Dat betekent meteen volle bak ertegenaan en dat gebeurde deze keer helaas letterlijk. Terwijl een groepje van zo’n 5 auto’s in hun eerste rondje rustig door de Veedol S reed, kwam Jaap van der Ende op volle snelheid aangestormd, . maar helaas bleken vijf auto’s er één teveel om veilig voorbij te steken en de Ford Falcon reed achterop de Lotus Elite van Bert du Toy van Hees. Tegen zoveel Detroit Iron was het kleine plastic sportwagentje niet opgewassen en terwijl de Falcon met een losse bumper en gekreukelde grille zijn weg kon vervolgen, zat het raceweekend er voor de Lotus-coureur op. Het was inderdaad glad, we zagen onder meer Bob Stevens, Huib Mars en Jaap van der Ende roteren evenals Ron Verzijlbergen, maar die laatste koos er bewust voor teneinde Jac Meeuwissen’s Healey niet te raken. Na 25 minuten trainen op de natte baan bleek dat verse banden van het alternatieve merk in combinatie met een 4,7 liter V8 de optimale combinatie waren: op de eerste zes plaatsen stonden Fords in de volgorde Gross, Van der Ende, Perry, Waaijenberg, Van Maarschalkerwaart en Campagne. Van der Ende kreeg echter straf voor zijn onbesuisde actie en werd naar de laatste rij verbannen. Goede prestaties waren er van Roland Zoomers die zijn E-type, naar later bleek zelfs met een vastzittende schokdemper, naar P7 trainde. Daarachter volgden Sander van Gils, Richard Evans in de Marcos als snelste man in GTS11 en Marcel van Laarhoven, die echter van de technische controleurs te horen kreeg dat zijn Shelby GT350 niet conform was en dus noodgedwongen de rest van het weekend als toeschouwer aanwezig was. Net buiten de top-10, tweede in GTS11, vonden we de MGB van Mark Dols. Het was in de mist niet zo goed te zien, maar het leek erop of de Kleine Man Dols op minstens drie kussens zat, met zijn hoofd bijna tegen het dak. Beter uitzicht = sneller door de bocht, of was er een andere verklaring? De snelste Mini was die van De Vries/Lewis, geholpen door problemen van de concurrentie: Rob Rappange reed maar een enkel rondje met een niet-werkende koppeling, Timo Span maakte een terugschakelfout en blies de motor op en Roger Ebdon moest wennen aan een andere, verwarrenderwijs Span-grijs gekleurde, auto. Derde in GTS11 en veertiende overall was de sterk rijdende Jochem Kentgens in zijn Morgan +4.
Race 1: Falcon feestje
De zaterdag was grijs, maar wel droog. Voor de start was er sprake van enige stress bij het CSI-team: doen we de stabi los of niet? Roel Korsten liep ondertussen met een frietje over de vooropstelling. De Mustang stond in de aanhanger. De reden? In de kwalificatie werd de motor geplaagd door een onwillige klep en daarom besloot hij erger te voorkomen en de motor te sparen. De Duitse organisatie had gekozen voor een rollende start en toen het licht op groen sprong, was het Stephen Perry die verrassend vanaf de tweede plaats de leiding pakte. Norbert Gross stak echter al direct binnendoor. Bob Stevens zat met zijn Lotus Elan op een mooie binnenwaartse lijn voor de Castrol S. Hij remde op tijd, maar onderschatte het onderstuur dat daarna de kop opstak. Zodoende dwong hij Mark Dols en Jochem Kentgens van de baan. Gelukkig ligt er ter plaatse voldoende asfalt voor het nemen van ontwijkende maatregelen. Het liep allemaal goed af en het hele veld verdween veilig uit het zicht over de heuvel naar de Ford Kurve en de Dunlop Kehre, met het trio Horst Kukemüller (Alfa Giulietta Sprint), Alexandra Auer en Thomas Augustin (Ford Mustang) als hekkensluiters.
Op de droge baan werd hier en daar toch wat afwijkende kwalificatievolgorde al snel hersteld, in de Bit Kurve was de volgorde Gross, Perry, Waaijenberg en daarna Van Maarschalkerwaart. Daarop volgde Georg Nolte in de Ford GT40 met vlak achter hem de gele Lotus Elan van Van Gils, dan Zoomers, voor Campagne en Schlüchter die al meer dan tien plaatsen was opgerukt. Richard Evans had de leiding in GTS11 stevig in handen, hij werd achtervolgd door Jos Stevens in de Lotus Elan en Cees Lubbers in de Ford Falcon, maar Thijs van Gammeren (Porsche 911) en Nico Zonneveld (Morgan) waren wel bezig om naar voren te komen. Bij de kleine toerwagens had René de Vries de leiding, terwijl Roger Ebdon, Rob Rappange en Jasper Izaks streden om de tweede positie. Achterin was het Augustin die na een voorzichtige start op gang kwam, hij haalde Gerrit Jan van Leenen (Lotus Cortina) in.
Achter het Falcon drietal was Nolte intussen langs van Maarschalkerwaart gegaan, maar die haalde hem weer in met een mooie actie buitenom in de Mercedes Arena. Frits Campagne was in gevecht met Jos Stevens. Even verderop was Van der Ende ook met een opmars bezig, hij was Bob Stevens gepasseerd. Zonneveld pakte intussen de tweede plaats in GTS11 over van Dols, met Van Gammeren in de wachtkamer. Achterop het circuit maakte Nolte gebruik van zijn vermogen om Van Maarschalkerwaart af te schudden en Waaijenberg te passeren. René de Vries leek een probleem te hebben, want Ebdon en Rappange zaten ineens op zijn nek.
Gross en Perry waren te ver weg voor Nolte om bij te kunnen halen. Sterker nog, Waaijenberg pakte met een mooie actie binnendoor in de Castrol S de derde plaats weer terug. Van Gils wist op dezelfde plaats Van Maarschalkerwaart te passeren en Van der Ende ging langs Campagne. De Jaguar van Zoomers kreeg intussen steeds meer wegliggingsproblemen en had een hele sliert achter zich hangen, bestaande uit Bo Warmenius (Lotus Cortina), Thijs van Gammeren, Peter Stöhrmann (Lotus Elite), Nico Zonneveld, Rhea Sautter (E-type) en Mark Dols. Lars Bondesson probeerde ook aan te sluiten, maar moest zijn gretigheid bekopen met een spin. Het gevecht om de laatste plaats was ook nog verre van beklonken, Kukemüller zat dicht op de kleine Kikkeroog van Auer.
De ronde erop was het Nolte gelukt om Waaijenberg af te schudden. De blauwe Falcon ging wijd aan het einde van het rechte stuk en ook Van Gils piepte erlangs. Zoomers wist nog steeds de hele trein achter zich te houden, maar moest even later toch de pits opzoeken met een steeds moeilijker sturende Jaguar. Bondesson bevond zich na zijn spin in een sandwich tussen Huib Mars en Edwin Dijkman (MGB) en Augustin rukte weer een plaatsje op door Bert Mets’ Mini Cooper te passeren.
Vooraan waren het nog immer Gross en Perry, terwijl Nolte een Waaijenbergje deed, waardoor van Gils binnendoor de derde plek kon pakken. Van der Ende was nu ook langs Jos Stevens, terwijl Bob Stevens grote moeite had om Frits Campagne te passeren, maar toen dat eenmaal gelukt was ook gelijk Richard Evans te grazen nam.
Er was op vele fronten strijd: tussen Nolte en Van Gils, tussen Schlüchter en Van der Ende, tussen Warmenius, Sautter en Stöhrmann en tussen Mars en Dijkman en ook bij de Mini’s, waar Ebdon nu de leiding had, met de Morgan van Kentgens als buffer naar de Vries en Rappange. Vrijwel tegelijkertijd verloren we nu echter De Vries, die al enkele ronden met een sterk oplopende motortemperatuur had gereden en Bob Stevens, die zonder stroom kwam te staan.
Het gevecht van de race was dat tussen Nolte en Van Gils. Keer op keer vond de kleine Elan in de Mercedes Arena met veel moeite een gaatje om langs de olie sproeiende GT40 te komen, om vervolgens op een recht stuk weer voorbij geblazen te worden. Van der Ende had zijn ultieme tegenstander gevonden in Frans van Maarschalkerwaart en Jos Stevens was aangehaakt bij Alexander Schlüchter. Evans wist Frits Campagne uit te remmen en zat daarmee veilig voor een ultieme aanval van Thijs van Gammeren, terwijl Ebdon er in zijn alternatieve bolide in slaagde om Rappange achter zich te houden.
Intussen had de Rennleiter zijn zwart-wit geblokte vlag uitgerold en was het Gross die maximaal scoorde, op zes seconden gevold door Perry. Sander van Gils kreeg het niet voor elkaar en moest de laatste podiumplaats laten aan Georg Nolte, maar hij won wel overtuigend de GTS-10 klasse. Waaijenberg werd vijfde, Van der Ende was toch zesde, Van Maarschalkerwaart zevende maar wel winnaar in GTS12 en Schlüchter achtste, tweede in GTS10 en daarmee weer een stap dichter bij het kampioenschap. De top-10 werd volgemaakt door Jos Stevens en GTS11-winnaar Richard Evans. Van Gammeren was tweede in die klasse en Nico Zonneveld had wat moeten afhaken maar was toch nog derde. Bij de kleine toerwagens was het Ebdon, op 1,4 seconde voor Rappange met Jasper Izaks in de Fiat Abarth op P3. CT08 werd overtuigend gewonnen door oude rot Warmenius. De kleine GT’s waren voor Stöhrmann, die een straatlengte voorsprong had op Auer en Kukemüller.
Race 2: Van Gils doorbreekt V8 hegemonie
Alle trauma’s van vorig jaar zijn op zondag verdwenen, want: de zon schijnt! Noest sleutelwerk betekent dat ook de drie uitvallers van de voorgaande dag weer van de partij zijn. De gebruikelijke stoelendans is deze keer bescheiden, Theo van G., Ron V. en Jonathan L. zijn de drie die het stuur overnemen, voor de rest zijn de namen hetzelfde als op zaterdag. Helaas is voor Bo Warmenius de race al over voordat hij begint: wanneer hij wil oprijden, blaast er spontaan een bougie uit de cilinderkop.
Bij de start wint Nolte deze keer de sprint, maar Gross en Perry gaan er in de Mercedes Arena langs. Daarna komt van der Ende, voor Van Gils. Bob Stevens probeert het weer drie dik in de Castrol S, nu samen met Huib Mars en Roland Zoomers. Ook deze keer verloopt alles zonder problemen. Achterop zien we Gross voor Perry en Nolte, terwijl Van Gils in de Kumho Kurve de vierde plaats van Van der Ende afpikt. Lewis is snel gestart met de Mini en doet hetzelfde trucje bij Rappange, terwijl de achteraan gestarte Leo Landman voorbij gaat aan Alexandra Auer, maar vervolgens niet van haar wegloopt.
Een ronde later en Van Gils is los van Van der Ende, die Waaijenberg dichterbij ziet komen. Van Maarschakerwaart heeft zijn handen vol aan Schlüchter en Bob Stevens komt naar voren, hij gaat Lars Bondesson voorbij. In de achterhoede van de toerwagens rijdt Bert Mets voor Gerrit Jan van Leenen, terwijl Landman de Mustang van Augustin is gepasseerd. Van Gils heeft nu duidelijk meer snelheid en dringt in de Kumho en de Bit Kurve aan bij Nolte. Inhalen kan daar niet, maar op de rechte stukken weet hij de aansluiting te behouden en zodoende kan hij in de Castrol S laat remmen en binnendoor steken. Vervolgens gebruikt hij de bochtencombinatie van de Mercedes Arena om de GT40 zover los te rijden dat hij ervoor kan blijven. Ten minste, dat is de theorie. Schlüchter weet in de Castrol S Van Maarschalkerwaart te verschalken, Rhea Sautter wordt achtervolgd door Van Gammeren en de aandringende Zonneveld en Opreij leidt met zijn Shelby Mustang een kluwen met Bondesson, Ebdon, de roffelende Mustang van Depta , de oprukkende Zoomers, Dols en de aandringende Lewis. Mets en Van Leenen hebben gezelschap gekregen van Huib Mars. Landman’s Cortina heeft intussen weer kuren en Augustin pakt hem terug.
Helaas voor Van Gils heeft zijn plan niet gewerkt, op start-finish blaast Nolte er weer voorbij. Maar het idee heeft zeker potentie, en dus remt Sander de GT40 gewoon nog een keer uit en probeert het opnieuw. Van Maarschalkerwaart zit nu weer voor Schlüchter, daarna is het Frits Campange die Jos Stevens probeert achter zich te houden. Rhea Sautter is nu in gevecht met Jac Meeuwissen, ze gaan zij-aan-zij door de Mercedes Arena. De Healey heeft echter last van olielekkage die op zijn band terechtkomt en gaat daardoor wijd, wat Bob Stevens in de gelegenheid stelt om aan te haken.
Van Gils heeft het bij de tweede poging wel voor elkaar en is los van de GT40. Richard Evans wordt aangevallen door Cees Lubbers en Bob Stevens is Rhea Sautter voorbij, terwijl Meeuwissen zijn glijdende Austin Healey in bedwang probeert te houden voor de ras naderende Van Gammeren, Zonneveld, Bondesson en Zoomers. Jonathan Lewis is intussen Roger Ebdon voorbij en heeft de leiding in de klasse overgenomen. Daarachter rijdt Mark Dols die flink onder druk wordt gezet door Jochem Kentgens en dan komt pas Rob Rappange, die al enkele ronden in gevecht is met Egbert Kolvoort (MGB)die daardoor de aansluiting met zijn klasse-concurrenten verliest.
Terwijl Van Gils zijn blik op de twee Ford Falcons voor hem kan richten, gaat Nolte opnieuw wijd en glipt ook Jaap van der Ende erlangs. Achter Waaijenberg ontstaat nu een groep van vier: van Maarschalkerwaart, Schlüchter, Campagne en Jos Stevens. Meeuwissen houdt nog steeds stand voor Bondesson en Zoomers, terwijl Zonneveld zijn Morgan voorbij Van Gammeren’s Porsche 911heeft gestuurd. Lewis is nog niet verlost van Ebdon en Dols evenmin van Kentgens, terwijl Van Leenen en Augustin gezelschap hebben gekregen van Ron Verzijlbergen.
Halverwege de race schakelt de actie nog een versnelling hoger. Stephen Perry spint in de Castrol S, waardoor Sander van Gils plaats 2 in de schoot geworpen krijgt. Bob Stevens passeert de Falcon van Lubbers en gaat op jacht naar de Marcos van Evans. Bondesson valt stil en Depta weet hem nog maar net te ontwijken. Landman parkeert zijn slecht lopende Lotus Cortina in de pits, Dijkman verliest alle aandrijving van zijn MGB en ook de Mini van Ebdon geeft de geest. Nolte is Van der Ende weer voorbij gegaan en Jos Stevens weet Frits Campagne te passeren op het moment dat ze Alexandra Auer op een ronde zetten. Meeuwissen spint op zijn eigen olie in de snelle Kumho bocht. Michel Opreij weet in een flits nog net zijn stuur om te gooien, waardoor de schade beperkt blijft tot een voorscherm van de Austin Healey en de neus van de Shelby. Voor Meeuwissen is het einde race, maar Opreij kan verder. Jochem Kentgens jaagt nog steeds op Mark Dols en Thomas Augustin is voorbij aan Gerrit Jan Van Leenen.
Van Gils wordt nu weer bedreigd door Perry, terwijl Nolte zich voor de zoveelste keer verremt en Jaap van der Ende weer profiteert. Cees Lubbers wordt opgejaagd door Rhea Sautter en Peter Stöhrmann junior, terwijl we Huib Mars zien spinnen in de Kumho bocht, ongetwijfeld op de olie van Healey-kompaan Meeuwissen. Lewis lijkt nu iets terug te vallen en heeft Kentgens, die Dols gedold heeft, achter zich aan.
De volgende doorkomst, van Gils is nu los van Perry en heeft de ronde erop aansluiting bij Gross; de banden van de V8’s worden nu duidelijk minder, hun rondetijden lopen op met zo’n 2-3 seconden. Bob Stevens gaat binnendoor bij Lotus Elan-concurrent Thomas Kargus. Cees Lubbers wordt ingehaald door Rhea Sautter, Dols is weer langs Kentgens en Van Leenen is in gevecht met Verzijlbergen.
Met nog één ronde te gaan is het Van Gils gelukt, hij heeft Gross ingehaald. Nolte en Van der Ende zijn er nog steeds niet uit wie de vierde plaats mag bezetten. Lewis is nu teruggevallen achter Dols en Kentgens en gaat even later zelfs helemaal stuk, maar hij heeft de mazzel dat Rob Rappange net gelapt is door de leider, waardoor die niet de kans krijgt een extra rondje te rijden en hem te deklasseren.
Zo eindigt het seizoen 2015 met een mooie overwinning voor Sander van Gils, die laat zien dat de klachten over V8-dominatie niet helemaal gegrond zijn. Oud-kampioenen Gross en Perry worden tweede en derde. Nolte beslist de strijd met Van der Ende in zijn voordeel, daarna volgen Waaijenberg en GTS-12 winnaar Van Maarschalkerwaart. Alexander Schlüchter wordt achtste, tweede in GTS10 en mag zich de kampioen NK HTGT van 2015 noemen. Jos Stevens en Frits Campagne maken de top-10 vol. GTS11 is weer voor Evans, voor Zonneveld en Van Gammeren en Peter Stöhrmann heeft opnieuw ongehoord hard gereden in de kleine Lotus Elite en weer de kleine klasse gewonnen. Rheas Sautter wordt mooi tweede in GTS12, voor E-type concullega Zoomers. CT08 is voor survivor Van Leenen en bij de kleine toerwagens is de volgorde Lewis, Rappange en Mets.